• Laura

New York, here I come!

Krokusvakantie.

Een week waarin we met z’n allen in ons Belgenlandje bleven,

niet voor het mooie weer, maar omdat het niet anders kon.

Reizen naar het buitenland behoort tot één van de maatregelen die ons leven nu al bijna een jaar stillegt.


Wanneer ik op vakantie ga dan kan ik na een tijdje weer verlangen naar de gewoontes van thuis.

Heimwee.

Het koekje bij de koffie, de wekelijkse afspraak bij de frituur, mijn eigen vertrouwde bed, de weekendkrant in de ochtend.

Na een tijdje weg te zijn geweest zijn het dingen waar ik weer van kan genieten. Hoe graag ik ook reis en ontdek. Ik kijk zeker eens zo hard uit naar het thuiskomen. Het ouwe getrouwe. Mijn bed, mijn toilet.


Nu ja, we zitten nog steeds met dat virus aan ons been. Dus op vakantie gaan naar het buitenland, daar kunnen we momenteel alleen maar van dromen. Met mijn trekrugzak volgestouwd op een boemeltrein in ‘weet-ik-waar’ met het zweet op mijn voorhoofd onder de brandende zon. Op dat moment lijkt het een vreselijk moment. Maar ik zou er vandaag alles voor geven.


En al wordt er veel reclame gemaakt over ‘vakantie in eigen land’. Niets voelt voor mij meer als vakantie dan ergens zijn waar ze een andere taal spreken, ergens zijn waar alles wat voor iedereen vanzelfsprekend is dat voor mij niet is, waar elke indruk nieuw is, waar er muziek is die ik niet kan meezingen, waar een maaltijd toch wat vragen oproept (wat ben ik in godsnaam aan het eten?). Hoezeer ik ook besef dat het een luxeprobleem is. De leegte voelt reeël. Het gevoel van heimwee is groot.


Niet heimwee naar huis, maar heimwee naar weg.


Heimwee naar hoe het eten anders smaakt.

Heimwee naar waar ik de mensen niet versta.

Heimwee naar waar de strepen op de straat anders zijn.

Heimwee naar waar de gevels van de huizen andere vormen hebben.

Heimwee naar waar de nummerplaten een andere kleur hebben.

Heimwee naar namen van supermarkten die ik niet kan uitspreken.

Heimwee naar een slecht een bed.


En toen hoorde ik dit…

Een vriendin zocht een hondenoppas voor Maurice.

Met veel gejuich meldde ik me aan: ‘Neem mij!’.

Ze woont slechts enkele straten verder.

Maar toch voelt het alsof ik mezelf een weekendje heb geboekt.


Ik tel ondertussen de dagen af. En volgend weekend is het zover. Ik ga op vakantie!

Mijn valiesje staat al klaar (als in, écht een valies gemaakt).


Ik bestel een large menu bij Burger King en een doos Dunkin Donuts.

Ik luister heel het weekend Frank Sinatra.

Ik bekijk een virtual-tour in het Moma.

Ik wandel met Maurice in Central Park.


Dat is het dichtste dat ik bij New York zal kunnen komen volgend weekend.

En?

Waar zou ik de volgende week naartoe gaan?


0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven